Ergotherapie voor kinderen

Elk kind ontwikkelt zich op zijn manier, in zijn eigen tempo. Soms verloopt de ontwikkeling van kinderen niet altijd op alle gebieden vanzelfsprekend. Hierdoor kan een kind problemen hebben in allerlei dagelijkse activiteiten. Het kind heeft bijvoorbeeld moeite met aan-en uitkleden, schrijft slordig, is onhandig met eten of kan niet goed spelen. De ergotherapeut onderzoekt waarom het kind hiermee moeite heeft.

Bij de volgende problemen kan ergotherapie voor kinderen een oplossing bieden:

  • Kinderen die problemen hebben met spelen, die spullen kapot maken, het liefst alleen zijn of met veel jongere kinderen spelen en/of snel ruzie maken.
  • Coördinatie- of planningsproblemen, zoals onhandige en chaotische kinderen.
  • Problemen met fijnmotorische activiteiten zoals tekenen, knutselen, schrijven en puzzelen.
  • Kinderen die moeite hebben met ruimtelijke oriëntatie en visuele waarneming.
  • Problemen met het zelfstandig uitvoeren van activiteiten zoals aan- en uitkleden, brood smeren, veters strikken, speelgoed opruimen en tas inpakken.
  • Tactiele problemen zoals het weigeren van douchen, nagels knippen, tanden poetsen, bepaalde kleding dragen; vervelend vinden aangeraakt te worden en/of niet graag willen kliederen en vies worden.
  • Concentratie- en aandachtsproblemen; het kind heeft moeite zijn aandacht bij het werk te houden en/of is snel afgeleid.
  • Motorische onrust, kinderen die niet graag bewegen of juist overbeweeglijk zijn; het kind wil steeds opstaan en kan niet stilzitten.

Specialisaties

Met betrekking tot de behandeling van kinderen kennen we binnen ErgoSolutions o.a. de volgende specialisaties:

  • Sensorische informatieverwerking
  • Praktische schrijftraining bij kinderen
  • Co-op

Voorbeeld

Joost zit sinds een paar maanden in groep 3 van de basisschool. Hij gaat nu leren schrijven, maar vindt het moeilijk om zijn pen goed vast te houden en om kleine lettertjes te schrijven. Zijn vingers doen pijn als hij schrijft.

Allereerst zal de ergotherapeut erachter proberen te komen waar bij Joost het probleem zit. Misschien is zijn fijne motoriek nog niet ver genoeg ontwikkeld om al te leren schrijven. Dit zal de ergotherapeut doen door Joost een stukje te laten schrijven en hem te observeren. Ook zal Joost opdrachtjes krijgen waarvoor hij een goed ontwikkelde fijne motoriek nodig heeft. Als de ergotherapeut weet wat het probleem is, zal ze met Joost oefeningen gaan doen. Deze oefeningen kunnen bij iedereen anders zijn, omdat er verschillende oorzaken kunnen zijn. Dit kunnen oefeningen zijn om de fijne motoriek te stimuleren of om Joost te leren hoe hij in een goede houding kan zitten wanneer hij schrijft.